De madeleine is het beroemdste koekje uit de literatuur geworden dankzij Marcel Proust (1871-1922). In het eerste deel van Op zoek naar de verloren tijd, krijgt hij, wanneer hij op een winterdag ijskoud thuiskomt, van zijn moeder een kop warme thee met een madeleine. Hij sopt het koekje in de thee en brengt dan een lepel naar zijn mond.
“Maar op het moment dat deze met koekkruimels vermengde slok thee mijn gehemelte raakte, kreeg ik een schok en concentreerde ik mijn aandacht op wat er voor buitengewoons in mij gebeurde. Een heerlijk gevoel van vreugde, waarvan ik de oorzaak niet kende, had zich van mij meester gemaakt en isoleerde mij van mijn omgeving.”
De ik-figuur, waarschijnlijk Marcel Proust zelf, gaat dan op zoek naar de bron van zijn vreugde. Hij neemt nog een slok en nog één, zonder te kunnen achterhalen waar zijn gevoel vandaan kwam. Tot:
“En plotseling openbaarde de herinnering zich. Het was de smaak van het stukje madeleine dat mijn tante Léonie me op zondagsmorgens in Combray (want op die dag ging ik niet vóor de mis het huis uit) als ik haar in haar slaapkamer goedemorgen kwam zeggen, gaf, nadat ze het in lindenbloesemthee had gedoopt. Het zien van de madeleine had me nergens aan herinnerd, voor ik ervan geproefd had; misschien omdat ik dit gebak, zonder ervan te eten, vaak op de toonbanken van banketbakkers had zien liggen en dat daardoor het beeld zich van de dagen in Combray had losgemaakt en zich met andere, latere verbonden had;”[1]
Dit literaire fragment, waarin herinneringen teruggehaald worden door zintuiglijke ervaringen wordt het ‘Proust-effect’ genoemd. De geur van de thee en de smaak van het koekje zetten het brein aan het werk. Zoals Proust ook beschrijft gaat het niet om het zien van de madeleine. Het zijn dus vooral de neus en de smaakpapillen die de herinnering oproepen, zoals ook later binnen de neurowetenschappen wordt verklaard. Prikkeling van deze zintuigen stimuleert het limbisch systeem en het aandachtscentrum in de hersenen stimuleren." ( https://doi.org/10.32739/uha.id.43399)
In de eerste versie van het verhaal zou het om een korst brood gaan en werd de thee aangereikt door de huishoudster. Toen Proust zich realiseerde dat zijn boek de werkelijkheid niet hoefde te volgen, zou hij de grote schrijver worden die in Op zoek naar de verloren tijd zijn talenten zou openbaren (https://doorbraak.be/boekennieuws/de-madeleine-van-proust-eten-en-drinken-tegelijk). Interessant is dat deze schrijver, ook hij dus, verschillende malen is afgewezen door gerespecteerde uitgevers. Pas de jonge uitgeverij Grasset durfde het in 1913 aan Du cote de chez Swann te publiceren.
Er zijn talloze variaties gemaakt op het recept van een madeleine, met citroen, chocolade, amandel, sinasappel en kruiden. Hieronder plaats ik het waarschijnlijk oudste recept.
Cakes à la Madeleine
On a pound of flour, you need a pound of butter, eight egg whites & yolks, three fourths of a pound of fine sugar, a half glass of water, a little grated lime, or preserved lemon rind minced very finely, orange blossom praliné; knead the whole together, & make little cakes, that you will serve iced with sugar.
Menon, Les soupers de la Cour ou L'art de travailler toutes sortes d'aliments, p.282 (1755).[9]
Met dank aan (https://en.wikipedia.org/wiki/Madeleine_(cake)
[1] Uit De kant van Swann, deel een Combray, Vertaling C.N. Lijsen, De Bezige Bij, 2002, Amsterdam (blz. 87 en 90)
Reactie plaatsen
Reacties